Interview,  Sports

Lucienne Willems: “de Eredivisie Vrouwen kan een stuk aantrekkelijker”

Lucienne Willems is groot sportfan. Bij de Johan Cruyff Academy begeleidt ze topsporters in hun studie. Esther sprak haar over haar werkzaamheden, haar wens om aan de slag te gaan binnen het vrouwenvoetbal, en een paar goede boekentips.

Kun je wat over jezelf vertellen?
Ik ben Lucienne Willems, ik werk nu 11 jaar bij de Johan Cruyff Academy, een HBO-opleiding Sport Marketing voor topsporters. Ik doe dat nu 2 dagen in de week. Ik begeleid derde- en vierdejaars studenten in hun studie en sport. Ik help ze ook met het vinden van een geschikte stageplek, voornamelijk in de sportwereld. Daarnaast ben ik op zzp-basis als projectmanager aan de slag in de sport.

Wat vind je het leukste aan je werk?
Om studenten een stap verder te helpen. Bij hun studie hebben ze de eerste 2 jaar theorie. In het derde jaar krijgen ze dan een kijkje in de keuken en kunnen ze ontdekken wat ze maatschappelijk zouden willen doen nadat ze hun sportcarrière hebben afgerond. Als dan in dat derde jaar die klik komt, van: dit vind ik gaaf, dan ben ik blij. Ik vind het heel leuk om ze zo te zien groeien.

Het zijn veel topsporters. Is dat een bijzondere doelgroep?
Ja, enorm. Ze gaan echt volledig voor hun sport. Daar is hun focus, hun passie. Maar daarnaast zijn ze zich bewust van een maatschappelijke carrière. Je merkt dat ze fris en efficiënt met hun studie bezig zijn. Het is voor hen soms lastig om de balans te vinden tussen sport en studie, maar ze zijn heel doelgericht. Die passie en energie is mooi om te zien.

Wat doe je daarnaast?
Als zzp’er richt ik me op het vrouwenvoetbal. Vorig jaar heb ik voor mijn studie een paper geschreven over de commerciële mogelijkheden voor de OranjeLeeuwinnen richting het WK2019. Door dit onderzoek en de gesprekken met verschillende betrokkenen realiseerde ik me dat de mogelijkheden groot zijn, maar dat er ook nog veel werk aan de winkel is. Om te investeren in de hoogste competitie binnen het vrouwenvoetbal , wil een voetbalclub natuurlijk ook het verdienmodel weten en dat staat nog echt in de kinderschoenen. Bij het afgelopen WK is weer gebleken hoe groot de doelgroep voor vrouwenvoetbal is, en de kunst is wel om deze doelgroep ook te enthousiasmeren voor de eredivisie vrouwen.  Clubs die in staat zijn om een professionele vrouwenvoetbalafdeling neer te zetten en bezoekers naar de wedstrijd weten te trekken , zullen hier op verschillende fronten profijt van hebben.

Je hebt een tijd terug het Sports Leadership Program gedaan; wat heeft dit jou gebracht?
Het programma is enerzijds een persoonlijk ontwikkeltraject en anderzijds inhoudelijk. Het persoonlijke traject heeft me veel gebracht. Er werd me echt een spiegel voorgehouden; wat wil ik nu echt? Ik ben 49, dus dan ga je ook nadenken wat de volgende stap wordt. Ik ben heel bewust geworden dat ik absoluut in een topsportklimaat wil werken, maar wel met de sociale aard erin. Dat is ook wat mij aantrekt bij de Eredivisie vrouwen. Daar kunnen we het gewoon beter voor regelen.

Heb je hier specifieke ideeën over?
Als je kijkt naar de voetbalpiramide, van breedtesport naar topsport, dan kan de eredivisie aantrekkelijker worden. Op initiatief van Vera Pauw en Priscilla Janssens is in 2007 de stichting eredivisie vrouwen opgericht, waarbij er een stevig fundament is gelegd op technisch, organisatorisch en commercieel vlak. Het is best frappant, dat er anno nu geen sterke overkoepelende organisatie staat. Het zou goed zijn als de eredivisieclubs met ondersteuning van de KNVB nu de handen ineenslaan en betere arbeidsvoorwaarden regelen voor de vrouwen. En een betere trainingsstaf. Met gezamenlijke inspanningen lukt het om de eredivisie tot een hoger niveau te brengen. Ik heb daar ideeën over en deze wil ik graag tot uitvoer brengen met de betrokken partijen.

Daar zijn investeringen voor nodig. Waar zouden die vandaan moeten komen?
Als je spiekt in het buitenland, bijvoorbeeld in Engeland, dan denk ik dat de clubs echt wel een minimaal bedrag moeten investeren. De KNVB moet ook investeren. En als je voor een goed verdienmodel kiest, maak je het ook voor een sponsor aantrekkelijk. Die drie partijen moeten wat inleggen.

De OranjeLeeuwinnen spelen bijna allemaal in het buitenland. Wat is er aantrekkelijk aan de Nederlandse Eredivisie in jouw ogen?
In het buitenland kunnen ze leven als prof omdat ze daar meer verdienen. Als je in Nederland de voorwaarden zo maakt dat het minder aantrekkelijk wordt om naar het buitenland te gaan, dan behoud je meer en gaat het niveau omhoog. Ook denk ik dat we jonger moeten beginnen met het begeleiden en signaleren van talenten. Hoe komen ze op de juiste plek terecht? Dat moet in die fase al beter georganiseerd worden.


Nederland is nu een soort opleidingsland. Zie jij Nederland voor de vrouwen ook die rol hebben?
Dat zou kunnen. Als je ziet hoe Ajax de afgelopen jaren gefloreerd heeft, dan denk ik: zo’n talentenpoule zou ook mooi zijn. Wanneer eredivisieclubs de meerwaarde gaan zien, gaan kiezen voor het vrouwenvoetbal – dat Feyenoord ook aanhaakt, bijvoorbeeld – dan kunnen we met zijn allen een mooie stap maken. Maar wel met z’n allen de schouders eronder.

Terug naar jouzelf. Waar ben je het meest trots op?
Als ik topsporters met mijn begeleiding echt verder kan helpen, vind ik dat geweldig. Ik vind het sociale aspect heel belangrijk. Ik opereer graag in een topsportklimaat: de spanning, de emotie, het hoogste podium, dat trekt mij. De studenten zitten met die balans tussen sport en studie en dat is echt niet altijd makkelijk. Soms zijn ze geblesseerd, of worden ze niet geselecteerd. Als je ze door zo’n periode heen kunt halen en ze maatschappelijk ook kunt helpen met hun carrière, dan zie je ze groeien.

Wat zijn eigenschappen die jou op deze positie hebben gebracht
In zo’n Leadership Programma word je je wel bewust van bepaalde eigenschappen en competenties. De werkervaring die ik heb opgedaan in het bedrijfsleven en in het onderwijs. Dat ik een verbinder ben, dat ik rustig ben. Ik ben een diesel; ik zet wel door. Die inzichten heeft het mij wel gegeven.

Welke eigenschappen denk jij dat vrouwen moeten hebben in een dergelijke omgeving? En wat kunnen we juist van mannen leren?
Wij vrouwen zijn heel sterk in het sensitieve en het intuïtieve. Het aanvoelen van conflicten. Wat we van mannen kunnen leren: zakelijker zijn, meer lef tonen, zichtbaarder zijn. Meer voor jezelf opkomen. Vrouwen zijn toch vaak in dienst van, te bescheiden.

Zijn er cruciale beslissingen die je hebt genomen in je carrière?
Ik heb een tijd bij een ICT bedrijf gewerkt, en bij Shell en NUON. Op een gegeven moment merkte ik dat ik echt richting de sport wilde. Toen heb ik bij het Landelijk Netwerk Vrouwen in de Sport een bestuursfunctie gedaan en ben ik gaan werken bij een sportadviesbureau . En ik ben een extra opleiding gaan doen. Dat heeft wel echt de koers gewijzigd. Met het WK voetbal of de Olympische Spelen dacht ik altijd: daar kan je als bezoeker niet heen. Maar gewoon door te gaan, ben ik wel een beetje aangestoken met dat virus. Dat je denkt: wow! Dat heeft me echt te pakken gehad. Vaak is het gewoon doen en gaan.


Heb jij een rolmodel?
Cruijff is wel mijn grote voorbeeld. Een grote inspirator. Hij is natuurlijk voetballer, maar heeft ook het rebelse, het innovatieve; hij bekijkt dingen op andere manieren. Zijn sociale kant is natuurlijk ook heel bijzonder: de Cruyff Foundation en Cruyff Academy zijn daar mooie voorbeelden van.

Heb je tips voor jonge vrouwen die de sport in willen?
Schrijf je doelen op, maak ze heel duidelijk, en maak ze klein(er). Ga er met mensen over sparren. Doe vrijwilligerswerk. Een opleiding helpt ook. En lees veel! Lees boeken over het onderwerp dat je interesseert. Die tip kreeg ik ooit van Frits Barend. Ook met die vrouweneredivisie. Als je wil weten hoe dat in elkaar zit, en goede analyses wil doen, moet je echt veel lezen.

Een goede tip, die heb ik niet eerder gehoord! En mijn logische volgende vraag: wat is de boekentip die jij ons wilt geven?
Olympic Turnaround” van Michael Payne. Hij is heel lang marketingmanager geweest. Hij vertelt hoe de Olympische Spelen echt een merk is geworden. Toen ik dat boek las, las ik tegelijkertijd “FIFA maffia ten val” van Thomas Kistner. Dat is echt de duistere, schaduwkant van het voetbal. Het zijn beide grote sportorganisaties, en dit contrast van de boeken vond ik heel interessant. Ik lees nu het boek van Pep Guardiola, dat vind ik ook heel mooi. Hij is natuurlijk een Cruijff-adept.

Wat we van mannen kunnen leren: zakelijker zijn, meer lef tonen, zichtbaarder zijn. Meer voor jezelf opkomen


Welke eigenschappen heeft de sportwereld meer nodig?
Verbinding. Dat vind ik het allerbelangrijkste. Meer zoeken op het gebied van samenwerking. Sport is zo mooi, heeft zoveel te bieden. En ik denk dat we daar gewoon veel meer uit kunnen halen.

Heb je een bepaald motto?
Veel gehoord, maar wel raak: Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.

Wat zou je willen achterlaten?
Dat ik met projecten kan meewerken die impact hebben, waarbij zoveel mogelijk mensen kunnen genieten van sport. En dan met name topsport. Daar zou ik graag een steentje aan bij willen dragen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *