Inspiration,  Interview,  Kick ass ladies,  Knowledge,  Sports

Interview met Esther Roelofs van het Sportmarketingbureau

Esther Roelofs is eigenaar van het “Sportmarketingbureau”.
Zij adviseert sportbonden, -organisaties en NGO’s op het gebied van rechtenhouders vraagstukken; denk hierbij aan het opstellen van een partnerpropositie of een nieuwe positioneringbehoefte bij een sportbond, meedenken over een nieuw verdienmodel voor een goede doelen organisatie of het opzetten van een community platform zoals hardlopen.nl. Voordat Esther haar eigen bureau startte in 2016, was ze 7 jaar commercieel manager bij NOC*NSF en in die rol eindverantwoordelijk voor het commerciële beleid binnen de sportkoepel.

Op een zonnige middag heb ik met Esther afgesproken in het bosrijke Soest, ik geniet van de mooie omgeving op de weg ernaartoe. Een bekende naam in de sportwereld, toch heb ik mijn naamgenoot nooit persoonlijk ontmoet.

 

En nu al ruim 3 jaar eigen baas.
In 2014 hadden wij de voorbereidingsreis met de partners in Rio. We hadden die zomer de locatie van het Holland Heineken Huis uitgezocht. Daarna ging ik op vakantie en besefte ik me ” het is fantastisch, maar er is een moment aangekomen dat ik voor mezelf een andere verdieping zoek. Volgens mij is het tijd dat ik ga.”
Zo gezegd, zo gedaan. We hadden in die periode de strategische keuze gemaakt om TeamNL te prioriteren, als paradepaardje van de sport. In overleg hebben we afgesproken om mijn vertrek uit te faseren; ik heb gedurende dat jaar het prestigieuze TeamNL-project mogen trekken, als een soort van buitenboordmotor, en NOC*NSF kon rustig op zoek naar een opvolger.
Vervolgens ben ik mijn eigen bureau begonnen en zoals ik het vaak zeg: “ik doe nog steeds hetzelfde, maar dan voor mezelf”. Veel opdrachten worden me gegund vanuit mijn netwerk. Die zijn op sportgebied, maar ik doe ook opdrachten voor goede doelen en dat is iets wat ik altijd heb gewild.
Net als in de sport lopen de subsidies in die sector terug en moeten zij meer zelfvoorzienend worden en nadenken over hoe zij zichzelf in de markt zetten. In de sport is men dit allemaal redelijk gewend.

Wat zijn je uitdagingen en hoe ga je hiermee om?
Zo’n keuze betekent dat je erg goed moet weten wat je wil; het feit dat ik die sprong ging maken, had ik best goed gepland maar op het moment dat je dan echt springt, dan is dat een spannend moment. Na mijn eerste jaar heb ik wel geleerd waar de valkuilen liggen en wat ik moet bijschaven, dus ik zorg dat ik me blijf ontwikkelen middels trainingen en bijvoorbeeld management boeken. Bij bedrijven als Unilever, mijn vorige werkgever, krijg je daar natuurlijk alle tools voor, als externe is het soms lastig om jezelf te blijven voeden.
Ook kijk ik goed naar welk soort opdrachten bij mij past en dat betekent dat ik soms nee zeg. Ieder begin van het jaar maak ik een plannetje met daarin wat dat jaar bij me past, waar de mogelijkheden liggen, wanneer ik tevreden ben: mijn kwalitatieve en kwantitatieve doelen qua bijvoorbeeld omzet. En dat is een richting, daar staar ik me niet blind op, want bijvoorbeeld omzet is niet mijn drijfveer.
Een andere uitdaging is dat ik alles zelf moet doen. Eigenlijk was ik misschien wel een beetje verwend; ik had een secretaresse, belde ICT als mijn laptop vastliep of als ik een nieuwe telefoon nodig gehad. Een nieuwe ervaring: ik ben administrateur, ik ben financieel beheerder, ik ben ICT-manager en moet ook mijn eigen agenda beheren. Dit heb ik op een zo goed mogelijke manier georganiseerd zodat ik daar zo min mogelijk last van heb.

Als zelfstandigen moeten wij elke keer de beste versie van onszelf zijn en dat dwingt je ook wel weer om daarover na te denken. Ik vind dat onzekere af en toe lastig maar uiteindelijk weegt die andere kant er heel erg tegenop. Hoe kijk jij daar tegenaan?
Volgens mij hoort dat onzekere er altijd bij, hoe succesvol je ook bent.
Er blijft altijd dat stemmetje in je achterhoofd dat zegt: het gaat nu goed, maar wat als nou niemand mij meer belt over drie maanden. Maar dat is ook weer wat je scherp houdt.
Wat ik het fijnste van ondernemen vind, is dat ik ongedwongen mijn eigen pad kan bewandelen en mijn eigen richting kan kiezen. Ik ben 100% blij met de keuze die ik heb gemaakt om mijn eigen bureau te beginnen. De tijd was er rijp voor. En ik ben op dit moment verantwoordelijke voor mijn eigen output.

 

 

Ik ben er trots op dat ik tegen de stroom in ben gaan roeien; dat iedereen heeft gezegd “doe het niet” en dat ik het toch heb gedaan.

 

Waar ben je het meest trots op bij NOC*NSF?
Ik ben er trots op dat ik tegen de stroom in ben gaan roeien; dat iedereen heeft gezegd “doe het niet” en dat ik het toch heb gedaan. Dat ik daarin ook heb overleefd en succesvol ben geweest. Er werd gezegd: de sport is zo georganiseerd dat het veel geven is en weinig nemen. En dat klopt wel.
Ik heb toch altijd mijn eigen energiestroom kunnen creëren en waar ik echt trots op ben is dat ik dat met energie en plezier heb gerealiseerd. Toen ik in 2008 begon bij NOC*NSF, was er net een economische crisis uitgebroken. Het doel was om alle nieuwe partnercontracten af te sluiten. En in 2012 was de uitdaging om daar nog eens 25 procent overheen te gaan, terwijl Nederland nog steeds diep in een crisis zat, en dat is dus ook allemaal gelukt. Ik heb dat natuurlijk niet alleen gedaan, maar we hebben dit als team kunnen doen. Ik was in staat was mijn eigen commerciële visie neer te zetten; die ruimte kreeg ik en daar ben ik dankbaar voor.

 

Wat zijn eigenschappen die jou op deze positie hebben gebracht?
Ik denk dat ik wel een bepaalde energie, drive en positivisme in me heb; voor mij is het glas altijd halfvol. En dat is, kan ik me zo voorstellen, prettig om mee te werken.
Ook ben ik teamgericht, ik geloof in de kracht van 1 plus 1 is 3 en tegelijkertijd weet ik wat ik wil, dus ik kan goed mijn visie uitdragen. Ik kan een helder beeld schetsen en dat is belangrijk om mensen mee te nemen, zeker als je ergens naartoe wilt.
Je moet ook goed kunnen coachen, dus als je een team wilt ontwikkelen moet je ook mensgericht zijn. Dat is denk ik van toepassing op vrouwen in het algemeen; vrouwen kunnen over het algemeen goed luisteren en goed verwoorden. Vrouwen signaleren en observeren eigenlijk best goed. Het is vaak de makke dat op het moment dat ze eigenlijk bepaalde punten zouden moeten adresseren en met de vuist op tafel moeten slaan, ze juist op dat moment een stap terug doen.
En die eigenschap heb ik helaas ook, ik ben eerder wat bescheiden, spring niet graag op de zeepkist en vind het lastig voor mezelf opkomen. En tegelijkertijd heb ik me in het ego-wereld van de mannen moeten manifesteren dus ik heb echt een beetje uit m’n comfort zone moeten stappen.

Je hebt eigenlijk mijn antwoord op de volgende vraag al deels gegeven: welke van deze eigenschappen is typisch vrouwelijk?
Bij NOC*NSF was ik de enige vrouw in ’t MT. Ik was bereid om zelf kritisch naar ons functioneren als MT te kijken. Ik stelde ook meer vragen. En tenslotte denk ik dat ik goed kon luisteren.
Ik denk dat ik over het algemeen wat sensitiever en empathischer ben, durf me kwetsbaar op te stellen en dat is best belangrijk in een mannenclub. Ik kan een situatie aanvoelen en richt me meer op het gemeenschappelijke doel in plaats van alleen mijn eigen positie te willen handhaven.

Wie is jouw inspirator en waarom?
Nelson Mandela. Hij heeft fantastische dingen gezegd en gedaan voor Zuid-Afrika, voor het WK Rugby en als Nobelprijs-winnaar. Mijn eigen drijfveer is hoe ik de brug  kan slaan tussen bedrijfsleven en sport, omdat ik geloof dat met sport de wereld er een beetje mooier uitziet. Hij heeft dat gedaan voor Afrika of eigenlijk gewoon voor de mensheid. In zijn strijd tegen de discriminatie zag hij de kracht van sport om te verbroederen. En dat heeft hij mooi verwoord. Hij heeft natuurlijk heel lang in de gevangenis gezeten, en is zo vergevingsgezind, daar heb ik bewondering voor. Hij ik ook visionair. Ik heb hem natuurlijk nooit ontmoet, maar de manier waarop hij in het leven stond en leiderschap toonde, vind ik echt fantastisch. Hij inspireert mij in wat hij gedaan heeft.
Heb je “Invictus” gezien?

Ja, dit vond ik een geweldige film. Tijdens het FIFA WK voetbal in 2010 was ik bij de finale aanwezig. Toen hij daar binnen kwam rijden, ontstond er iets magisch, echt rillingen, kippenvel. Dus ik kan me helemaal in jouw verhaal vinden.
Zijn er vrouwen in Nederland die jou inspireren?

Ik denk aan Neelie Kroes. Een sterke en ook empathische vrouw, tegelijk ook zeer zakelijk, professioneel en volgens mij met onwijs veel humor. Ik denk dat de personen aan de onderhandelingstafel in Brussel een hele pittige, misschien zelfs nare vrouw tegenover zich hebben gehad. Ze komt op mij over als altijd integer, degelijk, een verbinder, ik denk ook dat ze een hele leuke coach kan zijn.

 

Een van de zaken die ik heb is om mijn emoties meer uit te schakelen, iets wat meer vrouwen zouden moeten doen.

 

 

Wat is je mooiste fout of iets waarvan je zegt “dat is misgegaan maar daar heb ik uiteindelijk wel iets heel moois uitgehaald”?
Een van de zaken die ik heb geleerd door alle onderhandelingen die ik in mijn verschillende rollen heb gevoerd is om mijn emoties meer uit te schakelen, iets wat meer vrouwen zouden moeten doen. In het begin van mijn carrière husselde ik alles door elkaar. Of het nu inhoudelijke, procesmatige of persoonlijke argumenten waren, ik trok alles uit de kast en ik kwam dan vervolgens compleet verhit zo’n onderhandeling uit en dacht achteraf “waar ging het nou mis?”.
Ik heb geleerd meer in het gezamenlijk belang te onderhandelen, dus niet teveel op detailniveau  want bovenliggend zijn grotere issues veel belangrijker. Ook heb ik geleerd het proces en de inhoud meer te scheiden, evenals het zakelijke van het persoonlijke: je kunt gewoon hard op de inhoud zijn en zacht op de manier waarop je het brengt, in de relatie tot de andere persoon aan de tafel. Dat heb ik echt weten te scheiden, dat kon ik niet. Mannen zijn daar beter in, vrouwen kunnen druk zijn met bijvoorbeeld het achterhoedegevecht; mannen slaan elkaar ’s avonds aan de bar gewoon even op de schouder en zeggen “dat ging niet lekker hè” en dan is het weer ok. Vrouwen blijven daar vaker in hangen of vatten het te persoonlijk op.

Wat zou jij tegen je jonge zelf willen zeggen, tegen de Esther van 20 jaar geleden met de ervaring die je nu hebt?
Leef het leven zoals je denkt dat je het moet leven; geniet ervan en gaandeweg leer je wel wat bij je past en wat niet. Dan weet je wat goed voor je is en waar je hart ligt: volg je hart en zoek daar waar de energie goed is.
Soms stel je jezelf de vraag: waarom lukt het niet meer met sommige mensen, waarom lukt deze job niet of waarom zijn bepaalde evenementen niet meer leuk? Als daar een aantal variabelen niet kloppen, de energie is niet goed of het is allemaal negativiteit, dan moet je je omdraaien en wegwandelen.

Welke eigenschappen zijn volgens jou belangrijk om succesvol te zijn in de sportwereld?
Het type mens dat van buiten naar binnen denkt; mensen die verandering gedreven zijn, die een open blik hebben. Mensen met realisatiekracht, die zo’n proces goed kunnen managen en daar de competenties en skills voor hebben. Je moet communicatief zijn omdat je met heel veel stakeholders te maken hebt, dat is in de sport nou eenmaal zo. Je staat versteld van het netwerk; dat onderschatten mensen volkomen. Je moet een goede verbinder zijn, in staat zijn om meerdere partijen wat te gunnen. Je moet relatiegericht zijn, een bruggenbouwer, sociaal. En het is belangrijk dat je integer bent.  Op het moment dat je gaat roepen dat jij het echt fantastisch doet en dat jij bij wijze van spreken achter het succes van Epke Zonderland staat, wat je heel snel kan claimen in de sport, dan hangt iedereen aan je lippen. En daar moet je integer mee omgaan, schakel je eigen belang uit ten gunste van de sport.

Wat wil je nog bereiken?
Ik wil meehelpen aan de verdere transitie van de sport. Ik vind sport belangrijk omdat ik geloof dat Nederland er een beetje mooier uitziet door de kracht van sport. Dus ik werk graag mee aan de benodigde veranderingen voor de sportsector die passen bij de huidige maatschappelijke veranderingen.  Dat betekent dat de sport draait naar meer klantgericht denken en doen, zich ook richt op de ongeorganiseerde sporter, meer technologiegedreven opereert, de sportfan centraal stelt, denkt vanuit beleving, andere financieringsbronnen aanboort en meer gaat samenwerken met branchepartners. Enkel op deze wijze kunnen we onze unieke sportinfrastructuur behouden en versterken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *